Vervoeging van dicteren

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

dicteren
to dictate, to say words so that someone else can write them
weak
Tegenwoordige tijd (ik)dicteer
Verleden tijd (ik)dicteerde
Voltooid deelwoordgedicteerd
Volledige vervoeging van het werkwoord dicteren: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik dicteer
jij dicteert (inversie: dicteer jij)
u dicteert
hij/zij/het dicteert
wij dicteren
jullie dicteren
zij dicteren

Verleden tijd

ik dicteerde
jij dicteerde
u dicteerde
hij/zij/het dicteerde
wij dicteerden
jullie dicteerden
zij dicteerden

Gebiedende wijs

Imperatief

dicteer

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

dicteren

Gerundium

dicteren

Onvoltooid deelwoord

dicterend

Voltooid deelwoord

gedicteerd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.