Vervoeging van dichtgaan

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

dichtgaan
to close, to shut
irregular separable strong
scheidbaar
onregelmatig
Tegenwoordige tijd (ik)ga dicht
Verleden tijd (ik)ging dicht
Voltooid deelwoorddichtgegaan
Volledige vervoeging van het werkwoord dichtgaan: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik ga dicht
jij gaat dicht (inversie: ga dicht jij)
u gaat dicht
hij/zij/het gaat dicht
wij gaan dicht
jullie gaan dicht
zij gaan dicht

Verleden tijd

ik ging dicht
jij ging dicht
u ging dicht
hij/zij/het ging dicht
wij gingen dicht
jullie gingen dicht
zij gingen dicht

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik dichtga
(dat) jij dichtgaat
(dat) u dichtgaat
(dat) hij/zij/het dichtgaat
(dat) wij dichtgaan
(dat) jullie dichtgaan
(dat) zij dichtgaan

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik dichtging
(dat) jij dichtging
(dat) u dichtging
(dat) hij/zij/het dichtging
(dat) wij dichtgingen
(dat) jullie dichtgingen
(dat) zij dichtgingen

Gebiedende wijs

Imperatief

ga dicht

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

dichtgaan

Gerundium

dichtgaan

Onvoltooid deelwoord

dichtgaand

Voltooid deelwoord

dichtgegaan

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.