Vervoeging van deuken

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

deuken
to dent
weak
Tegenwoordige tijd (ik)deuk
Verleden tijd (ik)deukte
Voltooid deelwoordgedeukt
Volledige vervoeging van het werkwoord deuken: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik deuk
jij deukt (inversie: deuk jij)
u deukt
hij/zij/het deukt
wij deuken
jullie deuken
zij deuken

Verleden tijd

ik deukte
jij deukte
u deukte
hij/zij/het deukte
wij deukten
jullie deukten
zij deukten

Gebiedende wijs

Imperatief

deuk

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

deuken

Gerundium

deuken

Onvoltooid deelwoord

deukend

Voltooid deelwoord

gedeukt

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.