Vervoeging van denderen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

denderen
to roar, to make a thunderous noise
weak
Tegenwoordige tijd (ik)dender
Verleden tijd (ik)denderde
Voltooid deelwoordgedenderd
Volledige vervoeging van het werkwoord denderen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik dender
jij dendert (inversie: dender jij)
u dendert
hij/zij/het dendert
wij denderen
jullie denderen
zij denderen

Verleden tijd

ik denderde
jij denderde
u denderde
hij/zij/het denderde
wij denderden
jullie denderden
zij denderden

Gebiedende wijs

Imperatief

dender

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

denderen

Gerundium

denderen

Onvoltooid deelwoord

denderend

Voltooid deelwoord

gedenderd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.