Vervoeging van deduceren

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

deduceren
to deduce
weak
Tegenwoordige tijd (ik)deduceer
Verleden tijd (ik)deduceerde
Voltooid deelwoordgededuceerd
Volledige vervoeging van het werkwoord deduceren: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik deduceer
jij deduceert (inversie: deduceer jij)
u deduceert
hij/zij/het deduceert
wij deduceren
jullie deduceren
zij deduceren

Verleden tijd

ik deduceerde
jij deduceerde
u deduceerde
hij/zij/het deduceerde
wij deduceerden
jullie deduceerden
zij deduceerden

Gebiedende wijs

Imperatief

deduceer

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

deduceren

Gerundium

deduceren

Onvoltooid deelwoord

deducerend

Voltooid deelwoord

gededuceerd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.