Vervoeging van crashen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

crashen
to crash
weak
Tegenwoordige tijd (ik)crash
Verleden tijd (ik)crashte
Voltooid deelwoordgecrasht
Volledige vervoeging van het werkwoord crashen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik crash
jij crasht (inversie: crash jij)
u crasht
hij/zij/het crasht
wij crashen
jullie crashen
zij crashen

Verleden tijd

ik crashte
jij crashte
u crashte
hij/zij/het crashte
wij crashten
jullie crashten
zij crashten

Gebiedende wijs

Imperatief

crash

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

crashen

Gerundium

crashen

Onvoltooid deelwoord

crashend

Voltooid deelwoord

gecrasht

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.