Vervoeging van confronteren

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

confronteren
to confront
weak
Tegenwoordige tijd (ik)confronteer
Verleden tijd (ik)confronteerde
Voltooid deelwoordgeconfronteerd
Volledige vervoeging van het werkwoord confronteren: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik confronteer
jij confronteert (inversie: confronteer jij)
u confronteert
hij/zij/het confronteert
wij confronteren
jullie confronteren
zij confronteren

Verleden tijd

ik confronteerde
jij confronteerde
u confronteerde
hij/zij/het confronteerde
wij confronteerden
jullie confronteerden
zij confronteerden

Gebiedende wijs

Imperatief

confronteer

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

confronteren

Gerundium

confronteren

Onvoltooid deelwoord

confronterend

Voltooid deelwoord

geconfronteerd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.