Vervoeging van checken

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

checken
to check (up), to inspect, examine
weak
Tegenwoordige tijd (ik)check
Verleden tijd (ik)checkte
Voltooid deelwoordgecheckt
Volledige vervoeging van het werkwoord checken: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik check
jij checkt (inversie: check jij)
u checkt
hij/zij/het checkt
wij checken
jullie checken
zij checken

Verleden tijd

ik checkte
jij checkte
u checkte
hij/zij/het checkte
wij checkten
jullie checkten
zij checkten

Gebiedende wijs

Imperatief

check

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

checken

Gerundium

checken

Onvoltooid deelwoord

checkend

Voltooid deelwoord

gecheckt

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.