Vervoeging van buitelen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

buitelen
to tumble, to roll, to somersault
weak
Tegenwoordige tijd (ik)buitel
Verleden tijd (ik)buitelde
Voltooid deelwoordgebuiteld
Volledige vervoeging van het werkwoord buitelen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik buitel
jij buitelt (inversie: buitel jij)
u buitelt
hij/zij/het buitelt
wij buitelen
jullie buitelen
zij buitelen

Verleden tijd

ik buitelde
jij buitelde
u buitelde
hij/zij/het buitelde
wij buitelden
jullie buitelden
zij buitelden

Gebiedende wijs

Imperatief

buitel

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

buitelen

Gerundium

buitelen

Onvoltooid deelwoord

buitelend

Voltooid deelwoord

gebuiteld

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.