Vervoeging van borgen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

borgen
to secure, to keep safe
weak
Tegenwoordige tijd (ik)borg
Verleden tijd (ik)borgde
Voltooid deelwoordgeborgd
Volledige vervoeging van het werkwoord borgen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik borg
jij borgt (inversie: borg jij)
u borgt
hij/zij/het borgt
wij borgen
jullie borgen
zij borgen

Verleden tijd

ik borgde
jij borgde
u borgde
hij/zij/het borgde
wij borgden
jullie borgden
zij borgden

Gebiedende wijs

Imperatief

borg

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

borgen

Gerundium

borgen

Onvoltooid deelwoord

borgend

Voltooid deelwoord

geborgd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.