to add, to set beside something else
Tegenwoordige tijd (ik)zet bij
Verleden tijd (ik)zette bij
Voltooid deelwoordbijgezet
Volledige vervoeging van het werkwoord bijzetten: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.
Indicatief
Tegenwoordige tijd
ik zet bij
jij zet bij
u zet bij
hij/zij/het zet bij
wij zetten bij
jullie zetten bij
zij zetten bij
Verleden tijd
ik zette bij
jij zette bij
u zette bij
hij/zij/het zette bij
wij zetten bij
jullie zetten bij
zij zetten bij
Tegenwoordige tijd (bijzin)
(dat) ik bijzet
(dat) jij bijzet
(dat) u bijzet
(dat) hij/zij/het bijzet
(dat) wij bijzetten
(dat) jullie bijzetten
(dat) zij bijzetten
Verleden tijd (bijzin)
(dat) ik bijzette
(dat) jij bijzette
(dat) u bijzette
(dat) hij/zij/het bijzette
(dat) wij bijzetten
(dat) jullie bijzetten
(dat) zij bijzetten
Gebiedende wijs
Imperatief
zet bij
Onpersoonlijke vormen
Infinitief
bijzetten
Gerundium
bijzetten
Onvoltooid deelwoord
bijzettend
Voltooid deelwoord
bijgezet
Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.