to call together (for a meeting)
Tegenwoordige tijd (ik)roep bijeen
Verleden tijd (ik)riep bijeen
Voltooid deelwoordbijeengeroepen
Volledige vervoeging van het werkwoord bijeenroepen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.
Indicatief
Tegenwoordige tijd
ik roep bijeen
jij roept bijeen (inversie: roep bijeen jij)
u roept bijeen
hij/zij/het roept bijeen
wij roepen bijeen
jullie roepen bijeen
zij roepen bijeen
Verleden tijd
ik riep bijeen
jij riep bijeen
u riep bijeen
hij/zij/het riep bijeen
wij riepen bijeen
jullie riepen bijeen
zij riepen bijeen
Tegenwoordige tijd (bijzin)
(dat) ik bijeenroep
(dat) jij bijeenroept
(dat) u bijeenroept
(dat) hij/zij/het bijeenroept
(dat) wij bijeenroepen
(dat) jullie bijeenroepen
(dat) zij bijeenroepen
Verleden tijd (bijzin)
(dat) ik bijeenriep
(dat) jij bijeenriep
(dat) u bijeenriep
(dat) hij/zij/het bijeenriep
(dat) wij bijeenriepen
(dat) jullie bijeenriepen
(dat) zij bijeenriepen
Gebiedende wijs
Imperatief
roep bijeen
Onpersoonlijke vormen
Infinitief
bijeenroepen
Gerundium
bijeenroepen
Onvoltooid deelwoord
bijeenroepend
Voltooid deelwoord
bijeengeroepen
Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.