Vervoeging van bijblijven

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

bijblijven
to keep up, to not fall behind
separable strong
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)blijf bij
Verleden tijd (ik)bleef bij
Voltooid deelwoordbijgebleven
Volledige vervoeging van het werkwoord bijblijven: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik blijf bij
jij blijft bij (inversie: blijf bij jij)
u blijft bij
hij/zij/het blijft bij
wij blijven bij
jullie blijven bij
zij blijven bij

Verleden tijd

ik bleef bij
jij bleef bij
u bleef bij
hij/zij/het bleef bij
wij bleven bij
jullie bleven bij
zij bleven bij

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik bijblijf
(dat) jij bijblijft
(dat) u bijblijft
(dat) hij/zij/het bijblijft
(dat) wij bijblijven
(dat) jullie bijblijven
(dat) zij bijblijven

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik bijbleef
(dat) jij bijbleef
(dat) u bijbleef
(dat) hij/zij/het bijbleef
(dat) wij bijbleven
(dat) jullie bijbleven
(dat) zij bijbleven

Gebiedende wijs

Imperatief

blijf bij

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

bijblijven

Gerundium

bijblijven

Onvoltooid deelwoord

bijblijvend

Voltooid deelwoord

bijgebleven

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.