to prejudice
Tegenwoordige tijd (ik)bevooroordeel
Verleden tijd (ik)bevooroordeelde
Voltooid deelwoordbevooroordeeld
Volledige vervoeging van het werkwoord bevooroordelen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.
Indicatief
Tegenwoordige tijd
ik bevooroordeel
jij bevooroordeelt (inversie: bevooroordeel jij)
u bevooroordeelt
hij/zij/het bevooroordeelt
wij bevooroordelen
jullie bevooroordelen
zij bevooroordelen
Verleden tijd
ik bevooroordeelde
jij bevooroordeelde
u bevooroordeelde
hij/zij/het bevooroordeelde
wij bevooroordeelden
jullie bevooroordeelden
zij bevooroordeelden
Gebiedende wijs
Imperatief
bevooroordeel
Onpersoonlijke vormen
Infinitief
bevooroordelen
Gerundium
bevooroordelen
Onvoltooid deelwoord
bevooroordelend
Voltooid deelwoord
bevooroordeeld
Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.