Vervoeging van bevissen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

bevissen
to fish at, to fish in (a body of water)
weak
Tegenwoordige tijd (ik)bevis
Verleden tijd (ik)beviste
Voltooid deelwoordbevist
Volledige vervoeging van het werkwoord bevissen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik bevis
jij bevist (inversie: bevis jij)
u bevist
hij/zij/het bevist
wij bevissen
jullie bevissen
zij bevissen

Verleden tijd

ik beviste
jij beviste
u beviste
hij/zij/het beviste
wij bevisten
jullie bevisten
zij bevisten

Gebiedende wijs

Imperatief

bevis

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

bevissen

Gerundium

bevissen

Onvoltooid deelwoord

bevissend

Voltooid deelwoord

bevist

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.