Vervoeging van bevangen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

bevangen
to catch, to grasp
strong
Tegenwoordige tijd (ik)bevang
Verleden tijd (ik)beving
Voltooid deelwoordbevangen
Volledige vervoeging van het werkwoord bevangen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik bevang
jij bevangt (inversie: bevang jij)
u bevangt
hij/zij/het bevangt
wij bevangen
jullie bevangen
zij bevangen

Verleden tijd

ik beving
jij beving
u beving
hij/zij/het beving
wij bevingen
jullie bevingen
zij bevingen

Gebiedende wijs

Imperatief

bevang

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

bevangen

Gerundium

bevangen

Onvoltooid deelwoord

bevangend

Voltooid deelwoord

bevangen

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.