Vervoeging van beslissen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

beslissen
to decide, to determine
weak
Tegenwoordige tijd (ik)beslis
Verleden tijd (ik)besliste
Voltooid deelwoordbeslist
Volledige vervoeging van het werkwoord beslissen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik beslis
jij beslist (inversie: beslis jij)
u beslist
hij/zij/het beslist
wij beslissen
jullie beslissen
zij beslissen

Verleden tijd

ik besliste
jij besliste
u besliste
hij/zij/het besliste
wij beslisten
jullie beslisten
zij beslisten

Gebiedende wijs

Imperatief

beslis

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

beslissen

Gerundium

beslissen

Onvoltooid deelwoord

beslissend

Voltooid deelwoord

beslist

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.