to bepowder
Tegenwoordige tijd (ik)bepoeder
Verleden tijd (ik)bepoederde
Voltooid deelwoordbepoederd
Volledige vervoeging van het werkwoord bepoederen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.
Indicatief
Tegenwoordige tijd
ik bepoeder
jij bepoedert (inversie: bepoeder jij)
u bepoedert
hij/zij/het bepoedert
wij bepoederen
jullie bepoederen
zij bepoederen
Verleden tijd
ik bepoederde
jij bepoederde
u bepoederde
hij/zij/het bepoederde
wij bepoederden
jullie bepoederden
zij bepoederden
Gebiedende wijs
Imperatief
bepoeder
Onpersoonlijke vormen
Infinitief
bepoederen
Gerundium
bepoederen
Onvoltooid deelwoord
bepoederend
Voltooid deelwoord
bepoederd
Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.