to ring, like using a bell
Andere betekenissen: (intransitive) to bark, like a canine
Tegenwoordige tijd (ik)bel
Verleden tijd (ik)belde
Voltooid deelwoordgebeld
Volledige vervoeging van het werkwoord bellen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.
Indicatief
Tegenwoordige tijd
ik bel
jij belt (inversie: bel jij)
u belt
hij/zij/het belt
wij bellen
jullie bellen
zij bellen
Verleden tijd
ik belde
jij belde
u belde
hij/zij/het belde
wij belden
jullie belden
zij belden
Gebiedende wijs
Imperatief
bel
Onpersoonlijke vormen
Infinitief
bellen
Gerundium
bellen
Onvoltooid deelwoord
bellend
Voltooid deelwoord
gebeld
Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.