Vervoeging van belijden

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

belijden
to confess
strong
Tegenwoordige tijd (ik)belijd
Verleden tijd (ik)beleed
Voltooid deelwoordbeleden
Volledige vervoeging van het werkwoord belijden: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik belijd
jij belijdt (inversie: belijd jij)
u belijdt
hij/zij/het belijdt
wij belijden
jullie belijden
zij belijden

Verleden tijd

ik beleed
jij beleed
u beleed
hij/zij/het beleed
wij beleden
jullie beleden
zij beleden

Gebiedende wijs

Imperatief

belijd

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

belijden

Gerundium

belijden

Onvoltooid deelwoord

belijdend

Voltooid deelwoord

beleden

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.