Vervoeging van beleren

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

beleren
to reprimand, to criticise (now usually connoting pedantry)
weak
Tegenwoordige tijd (ik)beleer
Verleden tijd (ik)beleerde
Voltooid deelwoordbeleerd
Volledige vervoeging van het werkwoord beleren: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik beleer
jij beleert (inversie: beleer jij)
u beleert
hij/zij/het beleert
wij beleren
jullie beleren
zij beleren

Verleden tijd

ik beleerde
jij beleerde
u beleerde
hij/zij/het beleerde
wij beleerden
jullie beleerden
zij beleerden

Gebiedende wijs

Imperatief

beleer

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

beleren

Gerundium

beleren

Onvoltooid deelwoord

belerend

Voltooid deelwoord

beleerd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.