Vervoeging van belegeren

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

belegeren
to besiege
weak
Tegenwoordige tijd (ik)beleger
Verleden tijd (ik)belegerde
Voltooid deelwoordbelegerd
Volledige vervoeging van het werkwoord belegeren: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik beleger
jij belegert (inversie: beleger jij)
u belegert
hij/zij/het belegert
wij belegeren
jullie belegeren
zij belegeren

Verleden tijd

ik belegerde
jij belegerde
u belegerde
hij/zij/het belegerde
wij belegerden
jullie belegerden
zij belegerden

Gebiedende wijs

Imperatief

beleger

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

belegeren

Gerundium

belegeren

Onvoltooid deelwoord

belegerend

Voltooid deelwoord

belegerd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.