Vervoeging van bejubelen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

bejubelen
to cause to become jubilant, to cheer for
weak
Tegenwoordige tijd (ik)bejubel
Verleden tijd (ik)bejubelde
Voltooid deelwoordbejubeld
Volledige vervoeging van het werkwoord bejubelen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik bejubel
jij bejubelt (inversie: bejubel jij)
u bejubelt
hij/zij/het bejubelt
wij bejubelen
jullie bejubelen
zij bejubelen

Verleden tijd

ik bejubelde
jij bejubelde
u bejubelde
hij/zij/het bejubelde
wij bejubelden
jullie bejubelden
zij bejubelden

Gebiedende wijs

Imperatief

bejubel

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

bejubelen

Gerundium

bejubelen

Onvoltooid deelwoord

bejubelend

Voltooid deelwoord

bejubeld

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.