to budget, to appraise, to estimate
Tegenwoordige tijd (ik)begroot
Verleden tijd (ik)begrootte
Voltooid deelwoordbegroot
Volledige vervoeging van het werkwoord begroten: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.
Indicatief
Tegenwoordige tijd
ik begroot
jij begroot
u begroot
hij/zij/het begroot
wij begroten
jullie begroten
zij begroten
Verleden tijd
ik begrootte
jij begrootte
u begrootte
hij/zij/het begrootte
wij begrootten
jullie begrootten
zij begrootten
Gebiedende wijs
Imperatief
begroot
Onpersoonlijke vormen
Infinitief
begroten
Gerundium
begroten
Onvoltooid deelwoord
begrotend
Voltooid deelwoord
begroot
Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.