to grace [with met ‘with’], to gracefully give [with met] (giving something that is considered a blessing)
Tegenwoordige tijd (ik)begenadig
Verleden tijd (ik)begenadigde
Voltooid deelwoordbegenadigd
Volledige vervoeging van het werkwoord begenadigen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.
Indicatief
Tegenwoordige tijd
ik begenadig
jij begenadigt (inversie: begenadig jij)
u begenadigt
hij/zij/het begenadigt
wij begenadigen
jullie begenadigen
zij begenadigen
Verleden tijd
ik begenadigde
jij begenadigde
u begenadigde
hij/zij/het begenadigde
wij begenadigden
jullie begenadigden
zij begenadigden
Gebiedende wijs
Imperatief
begenadig
Onpersoonlijke vormen
Infinitief
begenadigen
Gerundium
begenadigen
Onvoltooid deelwoord
begenadigend
Voltooid deelwoord
begenadigd
Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.