Vervoeging van beëindigen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

beëindigen
to end, to finish, to conclude
weak
Tegenwoordige tijd (ik)beëindig
Verleden tijd (ik)beëindigde
Voltooid deelwoordbeëindigd
Volledige vervoeging van het werkwoord beëindigen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik beëindig
jij beëindigt (inversie: beëindig jij)
u beëindigt
hij/zij/het beëindigt
wij beëindigen
jullie beëindigen
zij beëindigen

Verleden tijd

ik beëindigde
jij beëindigde
u beëindigde
hij/zij/het beëindigde
wij beëindigden
jullie beëindigden
zij beëindigden

Gebiedende wijs

Imperatief

beëindig

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

beëindigen

Gerundium

beëindigen

Onvoltooid deelwoord

beëindigend

Voltooid deelwoord

beëindigd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.