Vervoeging van badineren

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

badineren
to jest, joke
weak
Tegenwoordige tijd (ik)badineer
Verleden tijd (ik)badineerde
Voltooid deelwoordgebadineerd
Volledige vervoeging van het werkwoord badineren: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik badineer
jij badineert (inversie: badineer jij)
u badineert
hij/zij/het badineert
wij badineren
jullie badineren
zij badineren

Verleden tijd

ik badineerde
jij badineerde
u badineerde
hij/zij/het badineerde
wij badineerden
jullie badineerden
zij badineerden

Gebiedende wijs

Imperatief

badineer

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

badineren

Gerundium

badineren

Onvoltooid deelwoord

badinerend

Voltooid deelwoord

gebadineerd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.