Vervoeging van asfalteren

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

asfalteren
to asphalt, to pave with asphalt
weak
Tegenwoordige tijd (ik)asfalteer
Verleden tijd (ik)asfalteerde
Voltooid deelwoordgeasfalteerd
Volledige vervoeging van het werkwoord asfalteren: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik asfalteer
jij asfalteert (inversie: asfalteer jij)
u asfalteert
hij/zij/het asfalteert
wij asfalteren
jullie asfalteren
zij asfalteren

Verleden tijd

ik asfalteerde
jij asfalteerde
u asfalteerde
hij/zij/het asfalteerde
wij asfalteerden
jullie asfalteerden
zij asfalteerden

Gebiedende wijs

Imperatief

asfalteer

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

asfalteren

Gerundium

asfalteren

Onvoltooid deelwoord

asfalterend

Voltooid deelwoord

geasfalteerd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.