Vervoeging van alarmeren

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

alarmeren
to alarm, bring in a state of alert, warn, notably by means of an alarm signal
weak
Tegenwoordige tijd (ik)alarmeer
Verleden tijd (ik)alarmeerde
Voltooid deelwoordgealarmeerd
Volledige vervoeging van het werkwoord alarmeren: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik alarmeer
jij alarmeert (inversie: alarmeer jij)
u alarmeert
hij/zij/het alarmeert
wij alarmeren
jullie alarmeren
zij alarmeren

Verleden tijd

ik alarmeerde
jij alarmeerde
u alarmeerde
hij/zij/het alarmeerde
wij alarmeerden
jullie alarmeerden
zij alarmeerden

Gebiedende wijs

Imperatief

alarmeer

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

alarmeren

Gerundium

alarmeren

Onvoltooid deelwoord

alarmerend

Voltooid deelwoord

gealarmeerd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.