Vervoeging van afmolmen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

afmolmen
to weather, to crumble, to decay
separable weak
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)molm af
Verleden tijd (ik)molmde af
Voltooid deelwoordafgemolmd
Volledige vervoeging van het werkwoord afmolmen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik molm af
jij molmt af (inversie: molm af jij)
u molmt af
hij/zij/het molmt af
wij molmen af
jullie molmen af
zij molmen af

Verleden tijd

ik molmde af
jij molmde af
u molmde af
hij/zij/het molmde af
wij molmden af
jullie molmden af
zij molmden af

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik afmolm
(dat) jij afmolmt
(dat) u afmolmt
(dat) hij/zij/het afmolmt
(dat) wij afmolmen
(dat) jullie afmolmen
(dat) zij afmolmen

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik afmolmde
(dat) jij afmolmde
(dat) u afmolmde
(dat) hij/zij/het afmolmde
(dat) wij afmolmden
(dat) jullie afmolmden
(dat) zij afmolmden

Gebiedende wijs

Imperatief

molm af

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

afmolmen

Gerundium

afmolmen

Onvoltooid deelwoord

afmolmend

Voltooid deelwoord

afgemolmd

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.