Vervoeging van afmatten

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

afmatten
to fatigue
separable weak
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)mat af
Verleden tijd (ik)matte af
Voltooid deelwoordafgemat
Volledige vervoeging van het werkwoord afmatten: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik mat af
jij mat af
u mat af
hij/zij/het mat af
wij matten af
jullie matten af
zij matten af

Verleden tijd

ik matte af
jij matte af
u matte af
hij/zij/het matte af
wij matten af
jullie matten af
zij matten af

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik afmat
(dat) jij afmat
(dat) u afmat
(dat) hij/zij/het afmat
(dat) wij afmatten
(dat) jullie afmatten
(dat) zij afmatten

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik afmatte
(dat) jij afmatte
(dat) u afmatte
(dat) hij/zij/het afmatte
(dat) wij afmatten
(dat) jullie afmatten
(dat) zij afmatten

Gebiedende wijs

Imperatief

mat af

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

afmatten

Gerundium

afmatten

Onvoltooid deelwoord

afmattend

Voltooid deelwoord

afgemat

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.