Vervoeging van afketsen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

afketsen
to rebound, to deflect, to ricochet
separable weak
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)kets af
Verleden tijd (ik)ketste af
Voltooid deelwoordafgeketst
Volledige vervoeging van het werkwoord afketsen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik kets af
jij ketst af (inversie: kets af jij)
u ketst af
hij/zij/het ketst af
wij ketsen af
jullie ketsen af
zij ketsen af

Verleden tijd

ik ketste af
jij ketste af
u ketste af
hij/zij/het ketste af
wij ketsten af
jullie ketsten af
zij ketsten af

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik afkets
(dat) jij afketst
(dat) u afketst
(dat) hij/zij/het afketst
(dat) wij afketsen
(dat) jullie afketsen
(dat) zij afketsen

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik afketste
(dat) jij afketste
(dat) u afketste
(dat) hij/zij/het afketste
(dat) wij afketsten
(dat) jullie afketsten
(dat) zij afketsten

Gebiedende wijs

Imperatief

kets af

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

afketsen

Gerundium

afketsen

Onvoltooid deelwoord

afketsend

Voltooid deelwoord

afgeketst

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.