Vervoeging van aanzitten

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

aanzitten
to get ready to dine; to sit down at a table (to eat)
separable strong
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)zit aan
Verleden tijd (ik)zat aan
Voltooid deelwoordaangezeten
Volledige vervoeging van het werkwoord aanzitten: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik zit aan
jij zit aan
u zit aan
hij/zij/het zit aan
wij zitten aan
jullie zitten aan
zij zitten aan

Verleden tijd

ik zat aan
jij zat aan
u zat aan
hij/zij/het zat aan
wij zaten aan
jullie zaten aan
zij zaten aan

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik aanzit
(dat) jij aanzit
(dat) u aanzit
(dat) hij/zij/het aanzit
(dat) wij aanzitten
(dat) jullie aanzitten
(dat) zij aanzitten

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik aanzat
(dat) jij aanzat
(dat) u aanzat
(dat) hij/zij/het aanzat
(dat) wij aanzaten
(dat) jullie aanzaten
(dat) zij aanzaten

Gebiedende wijs

Imperatief

zit aan

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

aanzitten

Gerundium

aanzitten

Onvoltooid deelwoord

aanzittend

Voltooid deelwoord

aangezeten

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.