Vervoeging van aanwinnen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

aanwinnen
to acquire
separable strong
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)win aan
Verleden tijd (ik)won aan
Voltooid deelwoordaangewonnen
Volledige vervoeging van het werkwoord aanwinnen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik win aan
jij wint aan (inversie: win aan jij)
u wint aan
hij/zij/het wint aan
wij winnen aan
jullie winnen aan
zij winnen aan

Verleden tijd

ik won aan
jij won aan
u won aan
hij/zij/het won aan
wij wonnen aan
jullie wonnen aan
zij wonnen aan

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik aanwin
(dat) jij aanwint
(dat) u aanwint
(dat) hij/zij/het aanwint
(dat) wij aanwinnen
(dat) jullie aanwinnen
(dat) zij aanwinnen

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik aanwon
(dat) jij aanwon
(dat) u aanwon
(dat) hij/zij/het aanwon
(dat) wij aanwonnen
(dat) jullie aanwonnen
(dat) zij aanwonnen

Gebiedende wijs

Imperatief

win aan

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

aanwinnen

Gerundium

aanwinnen

Onvoltooid deelwoord

aanwinnend

Voltooid deelwoord

aangewonnen

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.