Vervoeging van aantoonen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

aantoonen
obsolete spelling of aantonen
separable weak
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)toon aan
Verleden tijd (ik)toonde aan
Voltooid deelwoordaangetoond
Volledige vervoeging van het werkwoord aantoonen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik toon aan
jij toont aan (inversie: toon aan jij)
u toont aan
hij/zij/het toont aan
wij toonen aan
jullie toonen aan
zij toonen aan

Verleden tijd

ik toonde aan
jij toonde aan
u toonde aan
hij/zij/het toonde aan
wij toonden aan
jullie toonden aan
zij toonden aan

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik aantoon
(dat) jij aantoont
(dat) u aantoont
(dat) hij/zij/het aantoont
(dat) wij aantoonen
(dat) jullie aantoonen
(dat) zij aantoonen

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik aantoonde
(dat) jij aantoonde
(dat) u aantoonde
(dat) hij/zij/het aantoonde
(dat) wij aantoonden
(dat) jullie aantoonden
(dat) zij aantoonden

Gebiedende wijs

Imperatief

toon aan

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

aantoonen

Gerundium

aantoonen

Onvoltooid deelwoord

aantoonend

Voltooid deelwoord

aangetoond

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.