Vervoeging van aantalen

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

aantalen
to claim, to lay a claim to/against
separable weak
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)taal aan
Verleden tijd (ik)taalde aan
Voltooid deelwoordaangetaald
Volledige vervoeging van het werkwoord aantalen: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik taal aan
jij taalt aan (inversie: taal aan jij)
u taalt aan
hij/zij/het taalt aan
wij talen aan
jullie talen aan
zij talen aan

Verleden tijd

ik taalde aan
jij taalde aan
u taalde aan
hij/zij/het taalde aan
wij taalden aan
jullie taalden aan
zij taalden aan

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik aantaal
(dat) jij aantaalt
(dat) u aantaalt
(dat) hij/zij/het aantaalt
(dat) wij aantalen
(dat) jullie aantalen
(dat) zij aantalen

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik aantaalde
(dat) jij aantaalde
(dat) u aantaalde
(dat) hij/zij/het aantaalde
(dat) wij aantaalden
(dat) jullie aantaalden
(dat) zij aantaalden

Gebiedende wijs

Imperatief

taal aan

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

aantalen

Gerundium

aantalen

Onvoltooid deelwoord

aantalend

Voltooid deelwoord

aangetaald

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.