Vervoeging van aanstoten

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

aanstoten
to bump into (something), to collide with
separable strong weak
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)stoot aan
Verleden tijd (ik)stootte aan
Voltooid deelwoordaangestoten
Volledige vervoeging van het werkwoord aanstoten: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik stoot aan
jij stoot aan
u stoot aan
hij/zij/het stoot aan
wij stoten aan
jullie stoten aan
zij stoten aan

Verleden tijd

ik stootte aan
jij stootte aan
u stootte aan
hij/zij/het stootte aan
wij stootten aan
jullie stootten aan
zij stootten aan

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik aanstoot
(dat) jij aanstoot
(dat) u aanstoot
(dat) hij/zij/het aanstoot
(dat) wij aanstoten
(dat) jullie aanstoten
(dat) zij aanstoten

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik aanstootte
(dat) jij aanstootte
(dat) u aanstootte
(dat) hij/zij/het aanstootte
(dat) wij aanstootten
(dat) jullie aanstootten
(dat) zij aanstootten

Gebiedende wijs

Imperatief

stoot aan

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

aanstoten

Gerundium

aanstoten

Onvoltooid deelwoord

aanstotend

Voltooid deelwoord

aangestoten

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.