Vervoeging van aanbesteden

Alle vormen van het Nederlandse werkwoord.

aanbesteden
to put out to tender; to call for bids; to tender
separable weak
scheidbaar
Tegenwoordige tijd (ik)besteed aan
Verleden tijd (ik)besteedde aan
Voltooid deelwoordaanbesteed
Volledige vervoeging van het werkwoord aanbesteden: tegenwoordige tijd, verleden tijd, voltooid deelwoord, gebiedende wijs en onpersoonlijke vormen — bij scheidbare werkwoorden ook in de bijzin.

Indicatief

Tegenwoordige tijd

ik besteed aan
jij besteedt aan (inversie: besteed aan jij)
u besteedt aan
hij/zij/het besteedt aan
wij besteden aan
jullie besteden aan
zij besteden aan

Verleden tijd

ik besteedde aan
jij besteedde aan
u besteedde aan
hij/zij/het besteedde aan
wij besteedden aan
jullie besteedden aan
zij besteedden aan

Tegenwoordige tijd (bijzin)

(dat) ik aanbesteed
(dat) jij aanbesteedt
(dat) u aanbesteedt
(dat) hij/zij/het aanbesteedt
(dat) wij aanbesteden
(dat) jullie aanbesteden
(dat) zij aanbesteden

Verleden tijd (bijzin)

(dat) ik aanbesteedde
(dat) jij aanbesteedde
(dat) u aanbesteedde
(dat) hij/zij/het aanbesteedde
(dat) wij aanbesteedden
(dat) jullie aanbesteedden
(dat) zij aanbesteedden

Gebiedende wijs

Imperatief

besteed aan

Onpersoonlijke vormen

Infinitief

aanbesteden

Gerundium

aanbesteden

Onvoltooid deelwoord

aanbestedend

Voltooid deelwoord

aanbesteed

Vervoegingen: Wiktionary (via kaikki.org), bewerkt, licentie CC BY-SA 4.0.